8. De Prins en de Ridder

Four_friends_jump

Dit verhaal begint bij vier goede vriendinnen: Mieke, Talia, Joy en Sarah. Op een dag van de Zomerfeestweek aten ze samen in het paleis van de Wereldkoning, die ook de vader was van prinses Talia.

Toen ze uitgegeten waren, nodigde de koning ze uit in zijn grote Bibliotheek, zodat hij hen een verhaal kon vertellen.

Voordat hij dat deed, vroeg hij ze eerst een moeilijke vraag:

‘Meiden, ik heb een vraag: wat is liefde?’. Elk van de meiden dacht diep na voor ze een antwoord gaf. Mieke was de eerste die iets zei: ‘Liefde is kusjes en knuffels geven en krijgen.’ Talia volgde en zei: ‘Liefde is vriendschap. Wat ik voel voor mijn vrienden en vriendinnen is liefde.’

‘Maar je voelt toch ook liefde voor je vader? Liefde is dus wat een vader of moeder voelt voor hun kind en andersom. Het is de band tussen ouder en kind’, besloot Joy.

Sarah bleef stil.

De koning zei daarop: jullie hebben allemaal gelijk. Liefde is een groot iets. Er zijn vele verschillende vormen van liefde, en jullie hebben belangrijke vormen van liefde beschreven. Maar ik heb jou nog niet gehoord Sarah. Wat is volgens jou liefde?’

Sarah haalde haar schouders op en zei: ‘Dat weet ik eerlijk gezegd niet. Mijn beste vriend Chris zei wel eens dat échte liefde is: zoveel van je naaste houden dat je zelfs je leven zou geven voor de ander. Maar dat snap ik niet zo goed. Wie is mijn naaste?’

De koning antwoordde: ‘Dat is iedereen op de wereld.’

Hij zag dat ze het nog niet helemaal begrepen, dus hij ging verder. ‘Je naaste is je buurman of buurvrouw, de winkelbediende, de ober, een directeur of zakenman, maar ook een vuilnisman of zwerver. Je naaste is elk mens om je heen, zelfs mensen met zwarte harten. Soms doen die mensen met een zwart hart verkeerde dingen. Zoals liegen, stelen of zelfs doden. Ze zijn wel nog steeds mens, dus ze blijven je naaste.’

‘Nou, als dat zo is, legt u me dan maar uit hoe ik dat zou moeten doen, echte liefde kennen. Hoe kan ik nou een leugenaar, dief of moordenaar liefhebben? Zoveel dat ik zelfs mijn leven voor diegene zou overhebben…’ zei Mieke met een grote frons op haar gezicht.

De koning legde uit dat dat niet hoefde, maar dat die vorm van liefde wel de allerhoogste is. De grootste. Hij vroeg de meiden of ze het verhaal van de Hartenjager kenden. Ja, dat kenden ze wel.

Sarah nam het woord en zei: ‘Chris, mijn beste vriend, is de leider van de Witte Hartenjagers. Hij is bezig om een leger van Witte Hartenjagers te maken die met liefdespijlen schieten op mensenharten. De liefdespijl klopt op de deur van elk hart, maar het is aan elke persoon zelf of deze zijn of haar deur openzet voor die pijl.

Er zijn al veel mensen die dat hebben gedaan, waaronder wij. Wij zitten nu vol met liefde. Zo vol dat de witte knikker in ons hart een fel lichtje is geworden, waardoor we letterlijk stralen.’

‘Jullie hebt het goed begrepen’, zei de koning, ‘maar dan heb ik nog één vraag: kennen jullie de dood? ‘

‘Nou wij leven allevier nog, gelukkig’, zei Joy, ‘maar ik weet wel dat we als we doodgaan naar het Zwarte Rijk van de Zwarte Ridder gaan.’

‘Dat klopt’, zei de koning, ‘dan is dat het eindpunt van je leven. Ieder mens heeft wel een keer iets verkeerds of slechts in zijn leven gedaan. Als je dat ook maar één keer doet, moet je naar het Zwarte Rijk.’

‘Zelfs wij?’, vroeg Joy. ‘Wij leven toch goed?’

‘Ja, jullie proberen goed te leven en daar ben ik trots op. Maar een ieder van jullie heeft wel eens iets verkeerds gedaan.’

Daarop knikte Sarah en zei: ‘Ik heb wel eens een koekje gestolen van mijn ouders, terwijl dat niet mocht’. Waarop Mieke met schaamte bekende: ‘Als ik echt boos ben, zeg ik weleens vieze woorden’. ‘En ik ben weleens jaloers geweest op anderen’, zei Joy.

En zo vertelden de meiden wat voor verkeerde dingen ze allemaal gedaan hadden. Nadat ze uitgepraat waren, zag de koning hoe triest het viertal keek. De koning ging verder en zei:

‘Lieve meiden, jullie hoeven je niet te schamen voor de verkeerde dingen die je hebt gedaan. Jullie hoeven ook niet te denken dat jullie als jullie doodgaan daarom naar het Zwarte Rijk zullen gaan. Het verhaal van Chris is namelijk nog niet compleet. Ik zal jullie de rest van het verhaal vertellen.’

De meiden wilden graag de rest van het verhaal horen, dus gingen ze er goed voor zitten. Wat ze vooral wilden weten is hoe ze straks in het Witte Rijk in plaats van het Zwarte Rijk konden komen.

De koning vervolgde zijn verhaal waar Sarah gebleven was:

‘Chris reisde zoals jullie weten samen met zijn vrienden en mede Hartenjagers de wereld door. Met zijn liefdespijlen was het hun doel om de zwarte harten van mensen weer wit te maken.

De Zwarte Hartenjager zag dat en was daar absoluut niet blij mee. Witte harten waren enorm moeilijk zwart te krijgen. Op een gegeven moment had de Zwarte Hartenjager er genoeg van. Hij vormde zelf een leger van mensen met Zwarte harten.

Met dat leger nam hij Chris gevangen en hij doodde hem.’

‘NEE!!!’ riepen de meiden. ‘Onze vriend en leider mag niet dood zijn. Dat kan niet! Niemand was zoals hij. Chris heeft nooit in zijn leven iets verkeerds gedaan!’

‘Luister nog even, meiden. Het verhaal is nog niet voorbij. Wat jullie niet weten, maar Chris wel, is het volgende: “Liefde overwint altijd”. Chris wist van zijn vader dat er een manier was om de Zwarte Ridder in het Zwarte Rijk te verslaan. Een manier om de mensen, zowel mensen met witte als met zwarte harten, naar het Witte Rijk te kunnen brengen.

De enige manier was om te leven zonder slechte dingen te doen of denken en uiteindelijk dood te gaan. Alleen zo kon Chris naar het Zwarte Rijk met het sterke zwaard van zijn vader: het witte Liefdeszwaard.

Dus toen het Zwarte leger hem doodde, ging hij naar het Zwarte Rijk. De Zwarte Ridder daagde Chris daar uit voor een gevecht om leven en dood. En met zijn Liefdeszwaard streed Chris tegen de machtige Ridder en zijn Zwaard van de Dood.

Na een lange strijd van wel drie dagen, versloeg Chris de Zwarte Ridder. En nu gingen de woorden van zijn vader in vervulling. Chris kon het Pad van het Leven, dat van het Zwarte Rijk naar het Witte Rijk leidde, vrijmaken voor de mensen. Het Pad van het Leven leidt naar het Witte Rijk, waar geen pijn en verdriet, haat en eenzaamheid meer zijn. Alleen liefde, vrede en blijdschap.

Het Zwarte Rijk hoeft dus niet langer het eindpunt van de dood te zijn. Doordat Chris zonder verkeerde dingen had geleefd en dood ging, kon hij met het Liefdeszwaard de Zwarte Ridder verslaan en het pad naar het Witte Rijk vrijmaken.

Het enige wat een mens, wat jij, hoeft te doen is geloven dat het niet erg is dat je verkeerde dingen hebt gedaan, omdat Chris de straf die je daarvoor zou moeten krijgen, al gedragen heeft. Chris heeft de Zwarte Ridder verslagen, zodat het Zwarte Rijk niet meer het eindpunt hoeft te zijn.  Als je dat gelooft, laat hij jou het Pad van het Leven zien, en kun je dankzij hem naar het Witte Rijk wanneer je dood gaat.’

En terwijl de koning die woorden uitsprak, hoorden ze voetstappen hun kant op komen. De vier meiden keken op en zagen tot hun verbazing Chris naar ze toelopen. Maar niet de Chris in jagerskleding, zoals ze hem kenden.

Hij droeg nu schitterende kleren. Kleding als dat van een prins of een koning. Naast zijn goudkleurige gewaad met rode mantel en een met edelstenen ingelegde kroon op zijn hoofd, droeg hij een wit zwaard om zijn middel.

Chris glimlachte en zei: ‘Ik zie dat jullie mijn vader al ontmoet hebben.’

❤ Tabi

‘Alzo lief heeft God de wereld gehad dat Hij zijn eniggeboren zoon gegeven heeft :

Opdat een ieder die in Hem gelooft, niet verloren gaat, maar eeuwig leven heeft

~ Johannes 3:16

Hallelujah, Amen!

lifepath

 

Advertenties

BLOG Update

Leuk dat je mijn blogberichtje leest! Ik hoop dat je ook al een of meer van mijn verhalen hebt gelezen.
Je mag me natuurlijk altijd laten weten wat je er van vindt!

Update on life so far:

#1: Aangenomen!

In september 2016 start ik met de PABO opleiding aan de Christelijke Hogeschool in Ede. Ja ja, Tabitha wil basisschool juf worden.. 🙂

Gisteren was ik bij de ‘Experience Day’ op de CHE om alvast de sfeer te proeven. Na een algemene introductie met openingsgebed, begon onze dag. In groepjes mochten we elk een les voor een vak voorbereiden en 15 minuten lesgeven. Meteen de handjes uit de mouwen dus. Op basis daarvan werden we net als in het echt beoordeeld. Het was een leuke en leerzame dag en kan niet wachten om te beginnen met deze studie!

image

#2: TEFAF Maastricht

Deze week ben ik weer terug in m’n oude, vertrouwde Nijmegen. Na 3 weken Groningen was ik nu voor 12 dagen in Maastricht aan het werk op één van de grootste internationale kunstbeurzen ter wereld.

Dit jaar had de TEFAF zo’n 75.000 bezoekers! Die bezoekers lustten overdag vaak een lekker broodje of salade en dat kwam goed uit. Ik stond namelijk bij een heuse ‘Salade & Sandwich Bar’. Hier bedienden we, uiteraard met een brede glimlach, de mensen van allerlei hapjes en drankjes. Goede training voor onze lachspieren, moet ik zeggen 😉

image

Hoewel ik lange dagen maakte met weinig slaap en vrijwel geen pauzes, was het wel leuk werk. De sfeer was goed, zowel op de beurs als tussen collega’s. Zo had JMW Horeca uitzendbureau een aantal appartementen gehuurd waar we met bijna 40 man verbleven. Ik zat in het huisje met 14 personen. We waren ook nog 2 keer naar de sauna onder het complex geweest. Heerlijk! Al met al erg gezellig, maar stiekem ben ik wel blij dat ik weer in mijn eigen kamertje kan slapen.

Wie weet volgend jaar weer!

#3: Storytelling

Voor degenen die mijn zelfgeschreven verhaaltjes lezen: ik probeer elke zondag een nieuw verhaal te posten!
Afgelopen zondag heb ik overgeslagen vanwege werk. Met Pasen zet ik mijn 8ste verhaal erop!

Ik wens jullie allemaal een gezellig Pasen!

❤ Tabi

image

But in all these things we win a sweeping victory through the one who loved us

7. Zomerfeestweek

Sun_nature.jpg

Er was eens een meisje. Niet zomaar een meisje, maar dochter van de allerhoogste, allerbelangrijkste Koning. Haar vader was namelijk de Wereldkoning, degene die alle landen en rijken had gemaakt en er over regeerde.

De prinses heette Talia en was altijd vrolijk. Maar na de dood van haar moeder, de Koningin, werd ze heel verdrietig en stil. En wat de Koning ook probeerde, hij kon zijn dochter niet opvrolijken.

Het enige lichtpuntje in het leven van Talia was de ‘Zomerfeestweek’. Voor een week stond haar stad dan in de schijnwerpers. Haar stad, Lichtstad, was de grootste en mooiste stad van de Wereld. In deze stad stond onder andere het Paleis waarin zij woonde.

Tijdens Zomerfeestweek kwamen mensen uit alle landen en rijken bij elkaar om een week lang feest te vieren. Feest ter ere van haar vader de Koning, die immers alles had gemaakt en een goede, rechtvaardige koning was.

Met zoveel verschillende mensen was er altijd wel wat te doen. Er werden verhalen uitgewisseld, optredens gegeven en lekker gegeten. Er hing altijd een vrolijke sfeer, wat ervoor zorgde dat Talia even vergat dat ze verdriet had.

Op een dag, de eerste dag van het Zomerfeestweek, liep Talia rond in Lichtstad. Ze liep door naar het deel van de stad waar alle kinderen altijd samen kwamen. Daar zag ze een groepje meisjes staan van haar leeftijd en ze besloot erop af te stappen.

‘Dag prinses Talia, wat leuk je hier te zien!’, riep een van de meisjes. Ze stelde zich voor als Sarah uit Maskerland. ‘En dit zijn Mieke uit Dierenrijk en Joy. Joy komt uit Zwitland. Kom je gezellig met ons mee naar de muziekshow kijken?’. Maar Talia bleef staan en keek ze vragend aan. Dat ze zich voorstelden, begreep ze wel. Maar ze snapte niet wat Sarah haar vroeg. ‘Eh, prinses? Heb je wel gehoord wat ik zei?’, vroeg Sarah.

Maar Talia kon niet begrijpen wat Sarah had gezegd. Talia leefde namelijk in Lichtstad en daar sprak iedereen Fransi. Sarah en haar vriendinnen spraken allemaal Nengels. Gelukkig was Mieke’s wijze dierenvriend Leo de leeuw er bij. Hij kon zowel Fransi als Nengels en besloot de meisjes te helpen.

‘Meiden, wat als we de komende tijd eens samen oefenen. Prinses Talia, jij leert Sarah, Mieke en Joy Fransi. Ik vertaal. En jullie meiden, leren Talia Nengels’. Het viertal vond dat een prima voorstel. En zo leerden ze, elke dag, weer meer van elkaar. En aan het eind van een leuke, leerzame week kon Talia vloeiend Nengels. De andere meiden waren echter niet zo goed in taal als de prinses, dus het Fransi ging bij hen nog niet zo goed. Maar dat maakte niet uit, want ze konden nu dankzij het Nengels elkaar redelijk goed begrijpen.

Net voordat iedereen weer terug zou gaan naar het thuisland, spraken ze af om elke komende Zomerfeestweek weer samen door te brengen. In de tussentijd gebruikte Talia haar talenkennis om Nengels-sprekende mensen Fransi te leren en andersom. Talia had hier zoveel plezier in dat ze weer haar vrolijke zelf werd, ondanks het verdriet om haar moeder dat ze nog altijd met zich mee droeg.

❤ Tabi

Opdat we leren luisteren en van elkaars gezelschap mogen genieten.

Friends_four.png

6. Zwitland

zwart-grijs-wit

Er was eens een groots land, genaamd Zwitland. In Zwitland bestonden geen kleuren. Alles was wit, zwart of grijs. Zo droegen kinderen altijd witte kleding. Volwassenen zwart. Ouderen grijs.

Ons verhaal begint met Timor, de Kledingkleurder. Op zijn reis vanuit Puzzeli ontmoet hij vele nieuwe mensen en ontdekt hij vele mooie gebieden. Op een dag ontmoet hij Jerry, die hem thuis uitnodigt voor een etentje.

Timor slaat zijn aanbod niet af en eet die dag gezellig mee. Daar ontmoet hij Jerry’s kinderen: Andy en Peka, en zijn vrouw: Lena. Samen wisselen ze mooie verhalen uit. Verhalen over de plekken waar Timor al op zijn reizen is geweest. En verhalen over hoe het leven in Zwitland is en wat je hier allemaal wel niet kan zien en doen.

‘Mag ik jullie een geheim vertellen?’, vraagt Timor op een gegeven moment. ‘Oooh, ja vertel op!’ roepen de kinderen. ‘Nou, in wit zitten eigenlijk alle kleuren van de regenboog’. Alle kleuren van de regenboog? Dat kenden ze natuurlijk niet. Dus Timor zou het ze laten zien. Hij vroeg wie er eerst wilde. ‘Ik, ik!’ riep Andy. ‘Dan mag Peka eerst, want soms is het goed om geduldig te zijn, Andy’, zei Timor met een twinkeling in zijn ogen.

Hij liet Peka naar zich toekomen en vroeg haar aan haar mooiste en vrolijkste herinnering te denken. Terwijl ze dat deed, raakte hij haar jas aan. Op slag veranderde deze in een felroze exemplaar. ‘Gaaf!’, riep Peka. ‘Mag ik nu dan alsjeblieft, Timor?’, vroeg Andy dit keer beleefd. ‘Ga maar klaarstaan, Andy. Denk nu net als Peka aan iets wat je heel blij maakt.’. Ook Andy ging staan, dacht diep na, en met een grote lach op zijn gezicht werd door Timor’s lichte aanraking, zijn jas mooi groen met lichtblauwe strepen.

Jerry en Lena keken vol verbazing toe. Jerry was de eerste die iets zei: ‘Dat kan toch helemaal niet? Tot nu toe is alles in Zwitland altijd wit, zwart of grijs geweest. Ik wed dat je mijn zwarte jas niet kan kleuren.’. Timor lachte en zei dat dat vast geen probleem was. Hij liet ook Jerry aan zijn gelukkigste gedachte denken. Vervolgens raakte hij Jerry’s jas aan.

Er gebeurde echter niks. De jas bleef pikzwart. ‘Niks?’, dacht Timor, ‘onmogelijk..’.

Timor raakte de jas nog eens aan, dit keer met zijn hele hand. Maar nee, ook dat werkte niet. Vervolgens probeerde Timor alle kleuren wel een keer. Rood, oranje, geel, groen, blauw, paars.. Maar zelfs roze, een redelijk makkelijke kleur, werkte niet op de jas van vader Jerry.

‘Zie je wel’, zei Jerry, ‘het kan gewoon niet. Eenmaal zwart, altijd zwart.’. Maar dat geloofde Timor niet en hij bleef maar kleuren en combinaties van kleuren proberen. De kinderen waren met hun gekleurde jassen natuurlijk al door het dolle heen.

Vol enthousiasme en blijdschap renden Peka en Andy naar buiten om hun vriendjes en vriendinnetjes te vertellen over hun nieuwe jas. Dat je, als je wilde, ook je jas kon laten kleuren door Timor.

Het duurde niet lang voor het eerste vriendinnetje van de twee binnen kwam lopen. Haar naam was Fara en zij was een van de liefste meisjes in het land. Terwijl ze naar binnen liep, zag ze hoe Timor probeerde de zwarte jas van Jerry te kleuren. En ze zag hoe Timor zich in het zweet werkte, maar dat geen enkele poging leek te werken.

‘Mag ik een ander idee voorstellen?’, vroeg Fara. ‘Natuurlijk!’ zeiden Timor en Jerry in koor. ‘Nou, het lijkt erop dat zwart niet kan veranderen. Waarom trek je je zwarte jas niet gewoon uit en doe je een witte jas aan?’. ‘Ah, maar natuurlijk! Dat ik daar nog niet eerder aan heb gedacht!’, riep Timor uit. En hij trok zijn eigen witte jas uit en gaf hem aan Jerry.

Jerry was nog twijfelend, maar besloot toch zijn zwarte jas uit te trekken. De gekleurde jassen die zijn kinderen nu hadden, vond hij namelijk erg mooi. ‘Oké, kom maar hier met die witte jas, ik doe hem wel aan. Ik ben benieuwd of je me nu wel kan inkleuren.’

Zodra Timor ook maar lichtjes de witte jas aanraakte, veranderde deze in een schitterende veelkleurige jas. Deze was zelfs nog mooier dan die van Andy en Peka. ‘Wauw!’, zei Jerry, ‘Dankjewel Timor!’.

Sindsdien maken Jerry en zijn vrouw Lena, in hun door Timor gecreëerde veelkleurige jassen, zelf witte jassen voor andere Zwitters. Tot op de dag van vandaag komen vele mensen langs, en een ieder van hen loopt met een mooi gekleurde jas weer de deur uit.

Andy en Peka vertelden het nieuws van Timor de Kledingkleurder aan iedereen die het maar wilde horen.

❤ Tabi

Opdat je je leven durft in te laten kleuren met en door Gods liefde

Rainbow

“You can see the whole world in black and white, but then what is the point of a rainbow?”

3. Animalis (EN)

image

There once was a great kingdom, near the Land of Hearts and the Land of (Un)masked. Nowadays a lot of people had taken down their masks, so the Land of Masks was more often called Land of Unmasked.

In Animalis people did not wear masks. People were just people, with happy and less happy faces. In this land people lived among animals. There were many species. From the tiny ant up until the huge elephant. From shrip tot whale. From firefly to eagle. There were probably more types of animals than persons.

In Animalis every person had her or his own animal. From the animals that crossed their paths of life, they could choose one. One with which they would share the rest of their life with. Since everyone was different, everyone chose a different kind of animal.

One day, a day like any other day, a girl was born: Mieke. Mieke had picked her animal for life when she was still quite young. She had chosen a little lamb. You might know her song: ‘ Mieke has a little lamb…’. Everywhere she went, her lamb went too. The two of them became inseperable.

Up until a certain day, when Mieke woke up and wanted to give a morning hug to her lamb. She looked around for it, but it was nowhere to be found. Desperately she searched everywhere. Under her bed, in the bathroom, the toilet, the kitchen and living room.. But no, her friend was nowhere to be found. Then she decided to take a look outside. She went to the door and there, in front of the door post, she saw the white wool of her lamb. With fear she saw it was covered in red spots.

‘No! How could this be! My little lamb, my friend, is no longer living!’. With tears in her eyes she looked at the print of a paw in the ground beside her lamb. ‘A wolf! It was a wolf that has killed my lamb!’, she cried out. Her lamb must have heard the wolf at night. And all alone it had gone outside to try and protect her against the wolf.

The wolf had been too strong. Now her lamb was dead. Her buddy. Her friend for life. What now? she tought to herself. Everyone had only one animal to spend their life with. Not two, three, or more.. Just one. And that thought, to be alone for the rest of her life, saddened her enormously. It made her so sad, she locked herself up in her bedroom for the next couple of days. She did not even get out of her room once, even though she normally loved to be outside in nature.

After 3 days she had enough of the four walls of her room. With a heart that was still sad, she went outside. Out to breath some fresh air. She decided to visit her grandmother Oma. With Oma she could talk about anything. She really wanted to see her now. Oma always knew the right words when she felt angry, scared or sad.

So Mieke went to see her grandmother, who lived on the other side of town. To get to Oma she first had to cross a big forest. And alone, Mieke started to follow the path leading through the forest.

Suddenly Mieke saw a figure appear somewhere in the distance.  She decided to continue her way, but to be extra carefull. Gradually, step by step, she started to feel more and more alarmed. She felt a nerve, starting in her belly. Not the kind of nerves that were good. Not nerves you, for example, get from butterflies in your stomach when you are in love.

No, this feeling was not right. It felt wrong. The nerves turned into fear when she finally saw what was growling before her. A wolf! The wolf! And he was not small either. He had smelled her and now he waited patiently for her to come closer. Close enough for him, so that she had no chance of escaping. Even if she would turn and run away now, she would no where be near in time to reach a tree to climb in. Escape was impossible. Mieke had no chance whatsoever against the wolf.

While the wolf was growling and started to run in her direction, she heard a huge roar. It was a lion! One much bigger and stronger that the wolf. She saw the lion jumping before her on the path. In stead of turning to try and get her too, the lion blocked the wolf’s course. The wolf then tried to run, but the lion was faster. Stronger. And in a single bite, the lion killed the wolf.

The lion turned around and asked what her name was. With fear she answered: ‘Hello, my name is Mieke. What is your name?’. ‘Nice to meet you’,  the lion said with a deep, powerful voice, ‘my name is Leo’. ‘T-t-t-thank-you for saving my life, Leo’, Mieke said a little less frightened, ‘If you had not been here…’.

‘No problem, Mieke, I am glad I did it for you’, Leo told her. ‘But where is your buddy? Your animal friend?’. ‘I no longer have a personal animal friend’, Mieke said, ‘the wolf has killed my lamb and now I am alone for the rest of my life’. ‘How terrible!’ Leo, growled, ‘May I be your new animal friend now?’.

Mieke doubted, ‘but I can have only one buddy, can’t I?’. ‘That is right’, the lion answered, ‘but if your animal friend dies before you, you may choose a new one. So, I hope you choose Me as a friend in your life. If you say yes I will be with you for the rest of your life and I will always protect you.’

With joy in her heart, Mieke continued her path to Oma, together with her new friend. Oma saw them coming from a distance. With her arms wide open she welcomed Mieke. She gave her a big hug and a kiss on her cheeks. She said: ‘I am happy to see you here! Together with Leo. I always new you were a lion.’

❤ Tabi

"If you allow Jesus in your heart, you will never be alone again!

image